dinsdag 10 april 2012

Calder, Maeght en Saint Paul: een logische combinatie

Tijdens Pasen bezocht ik, met mijn vriendenpas van het Haags Gemeentemuseum, de expositie daar over Alexander Calder (1898-1976), bekend om zijn abstracte en ook beweegbare beeldhouwwerken  (zie foto’s). Maar omdat die kunstenaarshersenen van mij de hele dag door alsmaar associatief bezig zijn, voelde ik me ineens teruggeplaatst naar de tuinen van de Fondation Maeght in St. Paul de Vence aan de Côte d’Azur.

Daar heb ik namelijk in 1994, toen als vriend van dat museum, heel wat aangename uurtjes doorgebracht. Hoe ik daar in St. Paul terecht kwam? Dat is weer zo’n verhaal apart dat in dit blog vast nog wel eens ter sprake zal komen. Maar, heel kort samengevat, leidde een volstrekt spontane opwelling tot een verblijf van 3 maanden in dat middeleeuwse stadje. Pas toen ik er zat, begreep ik dat vele kunstenaars mij waren voorgegaan. En dat St. Paul na Parijs en Mont Saint Michel de derde toeristische trekpleister van Frankrijk is. Een niet onaardige bijkomstigheid van die opwelling werd trouwens nog dat ik het jaar daarop, als enige Nederlandse kunstenaar ooit, een tentoonstelling kreeg in het Musée de St.Paul.

Maar buiten de stadswallen staat nog een ander, internationaal heel bekend museum. Dat van de Fondation Maeght. Met dus die tuinen. En met daarin een aantal beelden van Alexander Calder. Vandaar mijn associatie. Hoe die beelden daar terecht kwamen? Tja, ook dat is weer een lang verhaal. Opnieuw kort door de bocht geformuleerd komt ’t er op neer dat de bekende Parijse kunsthandelaar Aimé Maeght in 1964 één van de eerste particuliere musea in Europa liet bouwen. Want hij wilde toch wel erg graag zijn uitgebreide verzameling moderne kunst kunnen tonen. Met werk van wereldberoemde kunstenaars als Giacometti, Chagall, Braque, Léger en Miro, kunstenaars die ook allemaal hun sporen in St. Paul de Vence hebben achter gelaten. Chagall ligt er zelfs begraven.

Als ik, destijds in 1994, moe was van het schilderen op mijn zolderkamertjes middenin St.Paul zocht ik vaak afleiding en rust in die tuinen van de Fondation. Of in de bibliotheek daar. Waar ik dan kunstenaars ontdekte die wereldberoemd waren in Frankrijk en omstreken, maar niet in Nederland. Ooit gehoord van, bijvoorbeeld, Leonor Fini? Nu voor mij, als vrouwelijk kunstenaar, een icoon. Maar ik ontdekte ze dus pas daar in de Fondation. Een aanrader, dat museum, als je aan de Côte d’Azur bent. Tot volgende week.
TOOS. 

dinsdag 3 april 2012

Een saxy K en C route


Alweer 12 jaar oud, die Middelburgse Kunst en Cultuurroute. En sinds 2002 ben ik daarvan een trouw deelnemer. Dat betekent ook dat er al heel wat muzikanten in mijn atelier zijn opgetreden. Want elk jaar in april staat de route in het teken van het thema “van Klassiek tot Populair”. Hoe ze ’t doet weet ik niet, maar organisatrice Bea Zwadlo weet dan altijd weer muziekensembles van hoog niveau met vaak jonge musici naar Middelburg te halen.
Omdat mijn atelier zich qua grootte en akoestiek goed leent voor die muziekoptredens viel ik ook dit jaar weer in de prijzen. Soms houdt een band overigens niet helemaal goed rekening met de omstandigheden. Zo was er eens een groep die dacht in mijn atelier hun totale versterkersaccessoir te moeten opbouwen. Toen de helft stond, kregen ze toch wel door dat dit een tikje overdreven was. Zeker als je ook weer snel moet afbreken omdat er op een andere routelocatie nog een optreden wacht, vraagt dat om logistieke problemen. Maar al doende leert men, heet ’t dan!


 Allerlei soorten muziek heb ik zo in de afgelopen jaren meegemaakt. Klezmer, klassiek, Zuid-Amerikaans, jazz, swing, solo, gitaarduo. Afgelopen zondag was het dus weer zo ver. Eerst het Göksel Yilmaz Ensemble met vaak al eeuwenoude muziek in het Turks, Arabisch en Koerdisch. Met natuurlijk de liefde als hoofdonderwerp. Prachtig klonk dat. Daarna nog het Berlage Saxophone Quartet. Een stel jonge muzikanten die klassieke muziek de pan uit lieten swingen. Daarbij komt dat de saxophoon mijn lievelingsinstrument is. Dus ik kon mijn hart ophalen. Een saxophoon kwartet nog wel!

Daarom ook had ik een schilderij van mij opgehangen met daarop een saxophoonspeler. ’t Was prachtig om te zien hoe zijn houding op het schilderij regelmatig samenviel met de houding van de heel expressieve speelster die er voor stond.
Wat mij betreft volgend jaar weer zoiets. Maar eerst maar “tot volgende week”.
TOOS. 

dinsdag 27 maart 2012

Lentuh voor een ZeBra!

Lentuh, zo moet je dat blijkbaar op z’n Haags schrijven. Maar wat de schrijfwijze ook mag zijn, een betere start van de lente kunnen we ons toch niet wensen! Lekker de tuin op orde brengen. Of gewoon van de zon genieten op je eigen terras. Logisch dat er veel belangstelling is voor de buitenmeubelen bij het 15-jarig jubileum van Palladio in het Zeeuwse Heinkenszand. Vorige week schreef ik daar al over. Want dat Palladio-feest wordt ten slotte toch maar mooi opgesierd met mijn TOOS-buitenkunst als artistieke toegift.
’t Leek me wel leuk een filmpje te maken van die combinatie van kunst met het outdoor living in het hoge kwaliteitssegment, zoals dat tegenwoordig in reclametermen heet. Zie hier het resultaat op mijn YouTube-kanaal.

Maar wat doet die “ZeBra” eigenlijk in de titel? Dat kwam door het begrip kwaliteit hierboven.Eerst even die ZeBra’s. Die kom je tegenwoordig heel veel tegen in Zeeland. Niet in de vorm van overstekend wild maar als Zeeuwse Brabanders. Zij vormen zo langzamerhand een niet onbelangrijk deel van de bevolking in Zeeland. Zelf ben ik er sinds 2001 ook één, tot volle tevredenheid. En met mij zijn er zo nog velen die zich telkens opnieuw weer laten verbazen door de kwaliteit van het leven in hun provincie.
Want zo’n Palladio hoort toch wel even bij het topsegment van de branche in Nederland! Of wat te denken van De Drukkerij in Middelburg, absoluut één van de mooiste boekenzaken in ons land. Of, om nog maar een andere zijstraat te noemen, dat onevenredig grote aantal sterrenrestaurants in Zeeland? Heeft trouwens de Walcherse zeekust ook niet de meeste zonuren van Nederland? Die ZeBra’s hebben duidelijk een goeie neus voor levenskwaliteit. Tot volgende week.
TOOS. 

dinsdag 20 maart 2012

BUITEN(gewone) KUNST


Vorig jaar rond deze tijd was ik heftig in de weer met de voorbereidingen voor mijn grote expositie “TOOS” in dat eeuwenoude fort Rammekens bij Ritthem/Vlissingen. Wat dat voor gevolgen zou hebben, kon ik toen natuurlijk niet inschatten. Ik was alleen maar heel erg hard bezig met kunst die bestand moest zijn tegen de kou, het zout en het vocht in dat fort. Want mijn olieverfschilderijen daar? Dat kon je door die omstandigheden mooi vergeten. Die hadden na een half jaar naar de stort gekund.

Dat zou anders moeten zijn met werk op het plaatmateriaal alu-dibond. En dat klopt, zie de foto’s maar! Diverse terrassen en tuinen zijn tegenwoordig opgesierd met kunst van mij op dat dibond. En daar is alweer één winter overheen gegaan. Kijk, dat had ik vorig jaar maart toch niet kunnen bedenken. Zo heeft die uitdaging in het fort, want neem maar van me aan dat ’t dat was, geleid tot nieuwe mogelijkheden en wegen.

Bij die wegen zit zeker die naar Heinkenszand op Zuid-Beveland. Heinkenszand? Ja, om precies te zijn de Schouwersweg 7 bij het zakencomplex BinnenUit, gericht op het luxe woningsegment. Wat doe ik daar nou weer? Wel, daar zit, nu precies 15 jaar, een uniek bedrijf voor Zeeland. Palladio! Eigenaar Corné Tempelaars voorzag al dat tuinen en terrassen steeds belangrijker zouden worden in onze levensstijl. Dus specialiseerde hij zich in het exclusieve segment voor buitenmeubelen en verlichting.
Toen Corné mijn buitenkunst had gezien wist hij “dat moet onderdeel worden van mijn feestje bij het 15-jarig jubileum”. Want dat viert hij, 15 dagen lang, verspreid over de periode van de start van de lente op woensdag 21 maart tot en met 2de Paasdag 9 april. Meer daarover is te lezen op www.binnenuit.nl .

Zelf ben ik er heel tevreden mee zoals mijn TOOS-kunst daar in de grote ruimten van Palladio uitkomt. In de volgende aflevering, als de lente inderdaad echt begonnen is, meer daarover. Tot volgende week.
TOOS.

dinsdag 13 maart 2012

Een Appeltje voor de film

Ik heb meer met Steve dan met Bill. Niet zo zeer wat de mannen zelf betreft, maar meer de producten waarmee ze ons leven hebben veranderd. Ik heb ’t over Steve Jobs met Apple en Bill Gates met Microsoft.
Mijn kunstenaarsgevoel gaat natuurlijk uit naar het esthetische en dan zit je bij Apple  wel goed met de vormgeving. Je hoeft alleen maar te kijken naar de MacBook, iPhone of iPad en je weet dat daar door knappe ontwerpers en vormgevers diep over nagedacht is. En mijn kunstenaarshersenen kunnen beter overweg met de Mac dan met Windows. Ik ben totaal geen computertechneut, maar de Mac, dat is ‘t! Die begrijp ik ten minste. Of begrijpt die mij? Filmpjes voor YouTube? Dan voor mij de Mac!

Vorige week beloofde ik er één over de openingstentoonstelling bij de nieuwe galerie Kesk-Art in Workum. Omdat belofte schuld maakt, mocht iPhoto dus aan de gang met het maken van diashows. Want heel veel daarbij kun je gewoon aan dat programma zelf overlaten. Daarna was iMovie goed voor de rest. Knippen, plakken, overgangen, muziek eronder, op de Mac lukt me dat.
In het schermpje het resultaat. Op mijn kanaal op YouTube is de video te vinden met de link http://youtu.be/xqo3WMpU6Lo . Naast natuurlijk nog heel wat andere TOOS-filmpjes.
Tot volgende week.
TOOS.

dinsdag 6 maart 2012

FEEST!

Afgelopen zondag 4 maart was het dus feest voor Sophie en Klaas Elzinga. Ook voor mij trouwens. Voor hen ging een droom in vervulling met de officiële opening van hun Galerie Kesk-Art in Workum. En voor mij was het heel prettig erbij te mogen zijn met een zaal gewijd aan mijn schilderijen. Een ruimte waar tot voor kort het werk van de bekende Friese kunstenaar Jopie Huisman( 1922-2000) werd getoond. Maar, zoals ik een aantal weken geleden al schreef, is het druk bezochte Jopie Huisman Museum verhuisd naar de overkant van de straat. Daardoor kwam het Sleeswijckhuys, een prachtig  patriciërspand  uit de 17de eeuw, vrij. Nu hangt en staat het dus opnieuw weer vol met kunst.
Dat is voor Sophie en Klaas natuurlijk niet zomaar van een leien dakje gegaan. Bij zo’n project komen er altijd onvoorziene problemen op je pad. De verlichtingsarmaturen die je bestelt, willen maar niet komen. In dat Sleeswijckhuys, één van de vele rijksmonumenten die in Nederland worden beheerd door de bekende vereniging Hendrick de Keyser, mag je niet zomaar ergens een spijker in de muur slaan. De grote zolderruimtes zodanig opknappen dat  kunst er echt goed tot haar recht komt vergt dus veel denkwerk en vakmanschap.  Ook alles eens een keer weer goed schoonmaken en opnieuw schilderen kost heel veeltijd. Enzovoort, enzovoort. Dan ben je daarna wel toe aan een feestje.
Enkele honderden genodigden mochten daar van Sophie en Klaas aan meedoen. Overigens pas echt nadat Hans Wiegel, politiek coryfee en oud-commissaris van de Koningin in Friesland, de officiële opening had verricht.  Het werd een geanimeerde middag in Workum. Kunst van niveau in alle ruimten, muziek, wijn, hapjes van een in Friesland gerenommeerd restaurant. En daarbij  nog verkoop. Want dat laatste is voor de galeriehouders en voor mij als kunstenaar toch zeker niet van belang ontbloot!
De tijd sinds zondag was te kort om een video in elkaar te zetten van deze vernissage. Maar het materiaal is er wel, dus ik ga mijn best doen om die bij de volgende blogaflevering te kunnen tonen. Dan kan iedereen die niet was uitgenodigd ’t nog een beetje meebeleven op YouTube. Tot volgende week.
TOOS.

dinsdag 28 februari 2012

Waarom Nice ‘nice’ is

Ik prijs mezelf altijd heel gelukkig met mijn twee ateliers. Dat in Middelburg en ook nog  één in Nice. Hoe ik in Nice terecht ben gekomen vormt trouwens een serie kunstverhalen apart. Dus daarover zal ik nu niet uitwijden. Maar ‘t is heerlijk om me daar op z’n tijd te kunnen terugtrekken. Echt een poos los van Nederland en lekker schilderen zonder al te veel ruis er omheen. Zalig!
 Afgelopen week was ik er maar voor maar korte tijd. Kunstzaken doorspreken en regelen. Met  Jean Paul Aureglia, eigenaar van galerie Qvadrige en uitgeverij La Diane Française. Overigens ook een vriend sinds al vele jaren. Bijgaande foto toont hoe je dan in Nice het nuttige met het aangename kunt verenigen. Lekker Frans lunchen op een strandterras aan die beroemde Promenade des Anglais. En dat is slechts één van de aantrekkelijkheden van die stad, een Parijs in het klein maar dan op z’n Italiaans. Maar die aantrekkelijkheden, ook wat betreft de kunst, vormen ook weer diverse verhalen apart.
Ik kwam nu om details door te nemen voor mijn expositie in Qvadrige komende september/oktober. Dat is er één in een reeks van speciale tentoonstellingen daar dit jaar. Jean Paul geeft namelijk zeer unieke kunstboeken uit. Zo verschijnt dit jaar een met originele kunstwerken geïllustreerde, met de hand gezette en op een oude handpers gedraaide Franstalige uitgave van de Ilias van Homerus in een oplage van slechts 140. Echt wat je op z’n Frans een livre d’art noemt. Maar die kunstwerken voor dat duizenden jaren oude Griekse epos over de oorlog rond Troje moesten natuurlijk wel eerst worden gemaakt. Zes kunstenaars uit Frankrijk, Italië, Duitsland, Denemarken en Nederland waren de uitverkorenen. Dat levert zes exposities op, telkens rond de bijdrage van één van die kunstenaars.
 Vorige week kon ik aanwezig zijn bij de start van de eerste. De vernissage van die van mij is gepland op 14 september. Met daarbij als kern de vier steendrukken die ik voor die nieuwe Ilias-uitgave maakte. Eén daarvan staat hierbij al vast afgebeeld. Over de rest bericht ik tegen september. Want dit blog loopt voorlopig wel door. Zoals hierboven al staat, verhalen genoeg! Tot volgende week.
TOOS.

dinsdag 21 februari 2012

Zij de diepte in, wij de hoogte

Bij mijn recente reis door Ethiopië moest ik denken aan de bouw van al die middeleeuwse, gothische kathedralen in Frankrijk en Engeland. Raar? Ik zal ’t uitleggen..
Met nieuwe bouwtechnieken die in de 12de en 13de eeuw werden ontwikkeld, bleek het mogelijk groter en hoger te bouwen dan eeuwenlang mogelijk was geweest. De nieuwe kathedralen met hun steeds langere torens werden daardoor de skyscrapers van die late Middeleeuwen. Steeds hoger reikend naar de hemel, symbolisch gezien steeds dichter bij God. Het geloof zat zo diep geworteld in het dagelijks leven dat rijk en arm er gigantisch veel voor over hadden om maar de prachtigste kerk te bouwen met daarin ook de prachtigste kunst. Op mijn YouTube-kanaal staat een filmpje dat ik maakte van de kathedraal van Amiens, zo’n beetje de grootste in Frankrijk (link http://youtu.be/j5lA5tcizDE ).

 Maar nu die link met Ethiopië! Wel, in Noord-Ethiopië vond rond dezelfde tijd ook zo’n soort ontwikkeling plaats. O.a. in de stad Lalibela is daarvan het bewijs te vinden. Alleen ging men daar niet de hoogte in, maar juist de diepte. Met als resultaat een aantal kerken die letterlijk aan je voeten liggen, in de rotsgrond uitgehouwen. Je moet je voorstellen dat je een groot rechthoekig rotsblok in de grond vrijmaakt door er vier gangen omheen te hakken. En dan ga je van dat rotsblok een kerk maken door daarin al het overbodige materiaal weg te beitelen. Eigenlijk zoals een beeldhouwer doet die een stuk graniet of marmer bewerkt om daar een beeld uit te voorschijn te laten komen. En precies tegenovergesteld dus aan de manier van bouwen van onze kathedralen waarbij van de grond af aan alles werd opgebouwd door er steeds meer aan toe te voegen.

Ook daar moet de gemeenschap er ontzettend veel voor hebben over gehad om zoiets te maken. Want één kerk was niet genoeg, het moesten er gelijk een aantal worden. Het achtergrondverhaal laat ik maar zitten want anders wordt deze aflevering echt veel te lang. Maar bijgaande foto’s van enkele van die kerken vertellen al genoeg als je bedenkt dat bijna alles wat je ziet is ontstaan door het alleen maar weghakken van rots uit één groot stuk: ramen deuren, ruimtes, pilaren, versieringen. Echt wonderbaarlijk!
Tot volgende week,
TOOS.




dinsdag 14 februari 2012

RAW Art, de Kaap en de Hoerenloper

Rotterdam is een stad waar op architectonisch en kunstgebied allerlei ontwikkelingen plaatsvinden. Zo ook afgelopen week en vandaar dit stukje.
Bij die architectuur denk ik dan gelijk aan het schiereiland van de Kop van Zuid. Met daarop het Nieuwe Luxor Theater, Fotomuseum, cultureel centrum Las Palmas en dat fameuze Hotel New York. En vorige week ook nog de kunstbeurs Art Rotterdam in de Cruise Terminal, vroeger de vertrekhal van de Holland-Amerika Lijn. Dat Art Rotterdam  heeft de laatste jaren de grote concurent Art Amsterdam in de international kunstpikorde mooi achter zich weten te laten. Maar ’t was niet vanwege die beurs dat ik daar was. Die profileert zich tegenwoordig vooral met conceptuele kunst. Dat uit zich dan bijvoorbeeld in een kunstwerk bestaande  uit een groot schaduwbeeld op 10 m2 oppervlak met de tekst “Ten square meter of shadow, 2011”. Niet direct mijn kunstkeuze! Je hoefde er trouwens maar €4000 voor te betalen.



Nee, ik ging voor een, zoals dat heet, spin-off van de Art Rotterdam daar in de buurt, waar concurerende galerieën een nieuwe beurs hadden opgezet. De RAW Art Fair op Katendrecht. Katendrecht, de Kaap? Was dat vroeger niet die ruige zeemanswijk waar ’t niet zo nauw werd genomen met de goede zeden? Inderdaad! Maar reken maar dat Katendrecht op een heel andere manier een hot spot gaat worden. Vorige week werd een 160 meter lange, prachtige voetgangers en fietsbrug geopend die de Kop van Zuid bij Hotel New York verbindt met Katendrecht. Op die manier was ’t maar een korte wandeling van de Art Rotterdam naar de RAW Art Fair in de grote Fenixloods op de Kaap. Over de Hoerenloper dus. Want gezien het verleden van Katendrecht is dat nu al de bijnaam van die nieuwe brug.
Die benaming RAW is goed bedacht. Want die hal is gewoon nog zo’n ruwe fabrieksloods en de kunst erin vloog alle kanten op. Nieuwe technieken, verzorgd, onbeholpen, onaf, interessant, zeer gevarieerd, puberaal, volwassen, vervreemdend, intrigerend, redelijke prijzen, belachelijk hoge prijzen. En op de 1ste verdieping was er nog een heel mooie verrassing! Beelden en installaties heel geheimzinnig uitgelicht in twee gigantisch grote hallen. De beurs is in de tussentijd afgelopen, die tentoonstelling duurt nog tot 4 maart.

Van ’t zomer kom ik daar beslist terug. Eerst aan de Maas op het terras van Café Rotterdam op die Kop van Zuid en dan over de Hoerenloper naar het Deliplein op de Kaap waar het vast  bruist met allerlei activiteiten. Tot volgende week.
TOOS.

dinsdag 7 februari 2012

De wondere wereld van Ethiopië


Een paar weken geleden nog maar reisde ik bij zeer aangename temperaturen door een wel heel bijzonder land. Ethiopië! De reiskeus was daarop gevallen omdat dit gebied, ondanks de armoede van nu, in het verleden grote en rijke culturen heeft gekend. Ook omdat het een Afrikaans land is waar christenen en islamieten nog vredig naast en door elkaar leven. En omdat het land een heel bijzondere kerk kent, de Ethiopisch Orthodoxe Kerk. Al heel vroeg, vanaf de 4de eeuw, kreeg die vaste grond onder de voeten in vooral het noordelijk deel van het land. Geïsoleerd en ver van de Roomse en andere orthodox christelijke geloofsgebieden ontwikkelde deze kerkrichting zich met daarin duidelijke invloed van het Joodse geloof dat daar al ver voor het begin van onze jaartelling was geïntroduceerd. Zoiets maakt heel nieuwsgierig, vooral ook naar de bijbehorende kunstontwikkeling in die afgelopen paar duizend jaar. Maar dat spreekt bij mij natuurlijk voor zich!
Nou, voor die kunst kon ik terecht in de vele eeuwenoude kloosters en kerken die er nog te vinden zijn. Op bijgaande foto’s is te zien dat de manier van schilderen bijna naïef is te noemen. Ook kwam ik voortdurend dezelfde, geschilderde verhalen tegen. Echt een kenmerk voor orthodox christelijke kerken waar vaak strenge voorschriften gelden voor de manier van afbeelden. Denk maar aan al die iconen uit de Russisch Orthodoxe Kerk die alleen volgens vastomlijnde regels mogen worden gemaakt.

Prachtig was ’t om allerlei verhalen tegen te komen die we hier in het Westen helemaal niet kennen. Ik ben katholiek opgevoed en heb daardoor heel wat kerkverhalen meegekregen. Maar ik wist echt niet dat Maria, Jozef en het kind Jezus op hun vlucht naar Egypte nog een ommetje hebben gemaakt naar Ethiopië. En dat Jezus daar nog allerlei wonderen heeft verricht waar ik nog nooit van had gehoord. Logisch ook dat er natuurlijk allerlei heiligen zijn afgebeeld die voor ons ook onbekend zijn.
Over die wondere wereld van Ethiopië en die kunst is natuurlijk veel meer te vertellen, maar dat komt een volgende keer nog wel.
Tot volgende week,
TOOS.

dinsdag 31 januari 2012

De Workum Connectie


Workum? Is dat niet één van die bekende Friese Elf Steden? Inderdaad! Zij ’t dat de kans van een passage bij de Tocht der Tochten op schaatsgebied dit jaar toch niet meer als bijster groot kan worden ingeschat.
Maar wat heb ik met Workum te maken? Tot voor kort nog niet zoveel, alhoewel je er op kunstgebied sinds 1986 het bekende Jopie Huisman Museum hebt. Per jaar trekt dat meer dan 50.000 bezoekers die er de werken van die bekende Friese schilder komen bekijken. En daar kom ik om de hoek kijken. Want tot voor enige tijd was dit museum gevestigd in een prachtig en groot 17de eeuws monumentenpand. Nu is het verhuisd naar een rij panden er recht tegenover en stond dat zogenaamde Sleeswijckhuys tot voor kort te wachten op een nieuwe gebruiker.

Sophie Elzinga, van oorsprong Brabantse, zag hierin een prachtige kans om, na een aantal jaren               acclimatiseren op het Friese land, een droom waar te maken. Galerie Kesk-Art (www.kesk-art.com) ! Maar hoe kent Sophie mij dan weer? Nou, mij persoonlijk kende ze niet, wel echter mijn werk. Ooit had familie van haar een werk van mij gekocht in een galerie in Knokke. Daar kwam toen nog eens een tweede “Toos” bij, Sophie zag ook af en toe mijn schilderijen bij galerie Lambèr in Valkenswaard en liefhebberde en handelde zelf in antiek en kunstwerken uit 19de en 20ste eeuw. Voor haar was het absoluut duidelijk toen de plannen voor die eigen galerie in Workum vorm begonnen te krijgen. “Ik wil Toos er heel graag bij hebben, bij de opening van mijn nieuwe galerie”. Nadat ik had kennis gemaakt met Sophie en haar man Klaas en het Sleeswijckhuys had gezien, kon ik niet anders dan ’t met haar eens zijn.

Dus nu gaat er deze week een aantal schilderijen van mij richting Workum waar ik een hele zaal ter beschikking heb in dat oude Jopie Huisman Museum. Op zondag 4 maart vindt de officiële opening voor genodigden plaats door Hans Wiegel. Wordt natuurlijk vervolgd!
Tot volgende week,
TOOS.

dinsdag 24 januari 2012

De K&C route Middelburg start weer op zondag 5 februari

Die K&C staat voor Kunst en Cultuur. En die route is één van de oudste kunstroutes van Nederland, gestart in 1999. Zo’n 40-tal galerieën, ateliers en andere aan kunst verwante zaken gaan dit jaar weer 11 keer open op de 1ste zondag van de maand van 13-17 uur. Want alleen januari is van dit ritme uitgezonderd.
Zelf ben ik al vanaf 2002 vaste deelnemer. Verzuimd heb ik daarbij nooit. Als ik al eens een heel enkele keer zelf niet aanwezig kan zijn, zorg ik er altijd voor dat een ander mijn plaats inneemt.

Dat de kunstroute (www.kunstroutemiddelburg.nl ) aan een behoefte voldoet, is altijd merkbaar aan het aantal bezoekers. ’t Moet wel heel erg slecht weer zijn, of heel erg warm, wil zo’n middag voor mij saai worden. Altijd zijn er interessante ontmoetingen. Altijd is er wel weer een regelmatige bezoeker die komt kijken of er nieuw werk hangt. Vaak ook een onverwachte ontmoeting met bijvoorbeeld bezitters van schilderijen van mij die ze elders in het land bij mij vertegenwoordigende galerieën hebben gekocht.
Regelmatig hoor ik daarbij van mensen die nog nooit in Middelburg zijn geweest “ik wist niet dat Middelburg zo’n interessante stad was!”. Want dat is één van de leuke kanten van die route, aan de hand van de kunstrouteplattegrond die overal verkrijgbaar is, kom je op plekken in de stad en in panden waar je anders niet zo gauw terecht zou komen. Was Middelburg in de 17de eeuw ten slotte niet één van de belangrijkste Nederlandse steden en telt het niet nog steeds zo’n 1100 rijksmonumenten ondanks het grote bombardement door de Duitsers in mei 1940, een week nadat Rotterdam was platgegooid?

Mijn oude pakhuis uit 1738 aan de Korendijk 56 staat er in ieder geval nog steeds en iedereen is weer van harte welkom op de 1ste zondag van de maand van 1 tot 5 uur.
Tot volgende week,
TOOS

dinsdag 17 januari 2012

Parijs, daar moest je zijn

Inderdaad, in Parijs moest je zijn. Maar dan als kunstenaar en in de 1ste helft van de vorige eeuw. Want daar gebeurde HET. Dat Parijs is verdwenen. Daarvoor moet je nu naar Den Haag. Naar het Gemeentemuseum, voor de expositie “Parijs, Stad van de moderne kunst 1900-1960”. Recentelijk was ik daar dus.
Ik kom graag in dat museum. Niet alleen omdat het een prachtig gebouw is. Ook omdat ze vaak heel interessante tentoonstellingen hebben. En het is gewoon open. Kom daar maar eens om in Amsterdam! Met een beetje mazzel zijn daar volgend jaar het Rijksmusem en het Stedelijk nog niet open als ook het Van Gogh Museum voor een poos dicht gaat. Hoezo Museumplein?
Maar terug naar Den Haag, naar een interessante tentoonstelling. Want zoals gezegd, in Parijs gebeurde ‘t. Noem een kunststroming in de jaren tot 1950 en je komt in Parijs. Eerst de Fauvisten met mijn grote icoon Matisse (foto) en ook “onze” Kees van Dongen. Dan Picasso (foto) en Braque die samen het revolutionaire kubisme ontwikkelen.


 Met Fernand Léger (foto) als navolger die er weer een eigen draai aan gaf. En niet te vergeten Mondriaan (foto) die voor het kubisme naar Parijs ging. Je wilde daar als kunstenaar gewoon zijn om het allemaal mee te maken. De kunstenaarswereld was toen natuurlijk ook kleiner en overzichtelijker. Denk maar eens aan die vele duizenden Europese studenten die nu jaarlijks de kunstacademies verlaten. Zouden die nog plek vinden in de Lichtstad?














Om trouwens nog even door te gaan met die stromingen in Parijs, je had natuurlijk ook nog de ontwikkeling van de abstractie door o.a. Kandinsky (foto) en het ontstaan van het surrealisme met bijvoorbeeld Max Ernst (foto). Van al die BS’ers (Beroemde Schilders) is er in Den Haag werk te bewonderen.
Een aanrader, die tentoonstelling. Maar haast je, ‘t duurt nog tot eind januari.
Tot volgende week,
TOOS









dinsdag 10 januari 2012

Een steengoeie Nieuwjaarswens

Meer dan 200 jaar geleden ontwikkelde Arnold Senefelder de lithografie of steendruktechniek (litho=steen in het Grieks). Een paar weken geleden gebruikte ik die techniek om een nieuwjaarskaart te maken.
Destijds veroorzaakte Senefelders vinding een revolutie in de reproductie van o.a. muziekbladen, advertenties, sigarenbandjes en kunstwerken. Nu is er nog maar een selecte groep van maffe kunstenaars die het heerlijk vindt om litho’s te maken.
Destijds stikte het overal van de steendrukateliers, ’t was een grote industrietak. Nu zijn er per land nog maar een paar over waar een maffe meestersteendrukker die maffe kunstenaars bijstaat. 

Eén van die meesterdrukkers is Rudolph Broulim in Antwerpen  en één van die kunstenaars ben ik dus. Maar waarom gaan we niet gewoon met Photoshop aan de gang? Dat is toch veel moderner! Klopt. En ook dat doe ik graag, zoals op http://www.toos.biz/  is te zien. Maar die steendruk, dat is moeilijk uit te leggen, dat is een gevoel. Op zo’n speciale steen in een aantal drukgangen met meerdere kleuren een litho maken in kleine oplage is gewoon heel spannend. Elke keer weer dat avontuur met onverwachte wendingen omdat de technische mogelijkheden en moeilijkheden legio zijn.
Bekijk hier maar eens, om een indruk te krijgen, het ontstaansproces van één van mijn litho’s in Rudolph Broulims atelier.

Dit filmpje staat overigens ook op mijn YouTube-kanaal http://bit.ly/ij4Pag. Nieuwsgierig geworden? Nog meer informatie is te lezen op http://www.toosvanholstein.nl/lithoned.html .

 Rudolph heeft een  mooie, jaarlijkse traditie geïntroduceerd. Hij vraagt zijn vaste kunstenaars dan een nieuwjaarssteendrukje in één kleur te maken. Iedereen  krijgt daarbij een ansichtkaartformaat op een grote steen ter beschikking om een ontwerp te maken. Ook dit jaar kreeg ik van hem weer die gelegenheid. Echt heel leuk, op die manier je eigen unieke Nieuwjaarskunstwerk maken in een oplage van 100. Daarmee hoop ik dan 99 mensen te verrassen, want één hou ik er natuurlijk zelf. Bepalen wie die kaarten gaan krijgen, is daarbij vaak een moeilijker proces dan het creëren van de litho zelf.
Tot volgende week,
TOOS.


dinsdag 3 januari 2012

Een kunstzinnig MMXII toegewenst

TOOS neemt deze week de gelegenheid om te herstellen van alle kerst-, eindejaars- en nieuwjaarsactiviteiten. Even alle vuurwerkruis uit mijn hoofd verwijderen en de goede voornemens op een rij zetten net als alle kunstactiviteiten die mij ook dit jaar weer staan te wachten.

 Ik wens iedereen die dit leest een heel goed, gezond en kunstzinnig 2012 toe. Daarbij neem ik dan maar aan dat de door de Mayakalender voorspelde ondergang van de wereld nog even op zich laat wachten. Dat gedoe met de Euro is al ingewikkeld  genoeg.
Tot volgende week,
TOOS.

dinsdag 27 december 2011

Kunststukjes bij donkere dagen


Is ’t een kunststukje om stukjes over kunst te schrijven? Nou, niet echt. Zeker niet als je, zoals ik, al van kleins af aan altijd met kunst bent bezig geweest. Onderwerpen liggen voor het oprapen. Kunst en krisis, de Apocalyps die er volgens de Maya-kalender zit aan te komen. En dan nog dat gevaar van lezende vrouwen. Eigenlijk doe ik in dit blog niet anders. Maar dat zijn altijd kortere stukjes. Gedurende zeven jaar al weer schrijf ik ze ook een stuk langer voor het kwartaalmagazine van de Nederlandse Club aan de Côte d’Azur. Hoezo dat? Nou, ik verkeer regelmatig in Nice in mijn atelier daar. Zodoende dus!

 Hebben de foto’s in deze blogaflevering daarmee toevallig iets te maken? Inderdaad. Maar wat is dan het verband tussen die plaatjes? Een gravure van Collaer (rond 1580) met het 15de eeuwse atelier van Jan van Eyck als onderwerp, een nogal opmerkelijke tekening van onze 17de eeuwse  Rembrandt en het olieverfschilderij “De korenraapsters” van de 19de eeuwse Franse kunstenaar Millet.

Ben je  nieuwsgierig naar de link tussen die werken? Dan is hier de link http://www.toosvanholstein.nl/artikelen/artikel27.html die de nieuwsgierigheid kan bevredigen. Op mijn website http://www.toosvanholstein.nl/ staan namelijk alle Kunsstukjes die in dat Magazine tot nu toe zijn verschenen. Ook dus het laatst gepubliceerde “To innovate or not to innovate, that’s the question”.

Maar er staan nog veel meer!

Mocht je tijd hebben en behoefte voelen je in deze donkere dagen rond Kerst te laten verlichten door verhalen over kunst van vroeger en nu? Je kunt er te kust en te keur. Dan Brown en de DaVinci code, diepte zien, De vrouw in de kunst, De gephotoshopte wereld en nog zo een en ander. Klik maar op http://www.toosvanholstein.nl/artikelen/artikelen.html .
Tot volgende week,
TOOS.

dinsdag 20 december 2011

TOOS-doodle Twaalf

’t Was al weer een poosje geleden, mijn laatste TOOS-doodle. Die dateert nog van voor de blognaamswisseling van “TOOS in Fort Rammekens” in “TOOS&ART”. En omdat dit de 8ste wekelijkse aflevering onder de nieuwe naam is, kun je wel ongeveer nagaan wanneer die laatste is gepubliceerd op mijn website http://www.toos.biz/ .

Nog even ter herinnering. Het leek me leuk om tijdens de expositie “TOOS in Fort Rammekens” af en toe een tekening te maken op mijn iPad en dat via die site voor iedereen vrij downloadbaar ter beschikking te stellen. Een zogenaamde TOOS-doodle. Kunst dus helemaal gratis voor niks en niemandal en nog gesigneerd ook!
Op mijn YouTube-kanaal staan een paar filmpjes over het maken van zo’n TOOS-doodle waarvan ik er één hier heb ingebouwd.

Elf heb ik er op zo’n manier gemaakt tijdens het halve jaar dat fort Rammekens ook een beetje van mij was. Maar het lijkt met toch wel leuk om af en toe, in een ook voor mij onvoorspelbare frequentie, nieuwe te maken. Nu dus bijvoorbeeld. De twaalfde.
 Op de openingspagina van  http://www.toos.biz/  is direct al duidelijk hoe je bij die doodle komt. Ze staan er trouwens allemaal nog. Dus mocht je van je kerstboom een kunstboom willen maken, wat let je dan om ze alle twaalf uit te printen en er in op te hangen. Ik ben benieuwd of er iemand ook zo gek is om dat te doen! Stuur me er dan als bewijs maar een foto van. Wie weet ben ik dan weer zo gek dat op één of andere manier te laten zien.

Is ’t trouwens ook nog een ideetje anderen met behulp van dit blog of de site te wijzen op het bestaan van die TOOS-doodles? Van mij mag ‘t, lijkt me leuk!
Tot volgende week,
TOOS.
 YouTube http://bit.ly/ij4Pag        

dinsdag 13 december 2011

Wasquehal. Wat is dat, Wasquehal? Nou, gewoon Wasquehal!

Wasquehal, een exotisch klinkend woord. En toch is het gewoon een voorstad van Lille in Noord Frankrijk.  Maar wat heeft Wasquehal met mij te maken? Ik ga proberen dat uit te leggen. Halverwege 2010 kreeg ik een éénregelig Engelstalig mailtje uit Frankrijk. ‘’Of ik binnenkort nog een expositie had in Lille of omstreken?’’.  Mijn antwoord was ‘’nee’’ gekoppeld aan de vraag over het waarom van dit mailtje. Hierdoor ontspon zich een mailwisseling met  afzender Gérard die leidde tot een keten van gebeurtenissen. Kort samengevat: Gérard had van mij een schilderij, ooit gekocht op een beurs in Kortrijk bij een galerie uit Knokke en dat werk hing in zijn tweede huis in de badplaats Le Touquet-Paris Plage. Daarbij vond hij dat mijn kunst goed zou kunnen aanslaan in Noord Frankrijk. Nou, wie was ik om dat tegen te spreken! Gérard kende in Le Touquet kunstliefhebber Georges en Georges kende daar weer Jean-Marie Wagner, eigenaar  van Galerie Derrière la Dune. Beide heren zaten dus op een bepaald moment bij Jean-Marie met een boek van mij. En ik zat als gevolg daarvan in januari van dit jaar bij Jean-Marie in de galerie. Resultaat? Afgelopen  mei een vernissage in de grootste galerie van die gerenommeerde badplaats. Want gerenommeerd is die plek zeker sinds begin 20ste eeuw tout chique Paris zich daar per trein heen spoedde. Het leek me wel leuk hier nog even mijn YouTube-filmpje in te bouwen over die opening en de ambiance van Le Touquet  zelf.

Maar dit verhaal moet nog  worden rondgemaakt. Afgelopen zaterdag was ik door Gérard en zijn vrouw Josy uitgenodigd om met hen  in hun nieuwe appartement in Wasquehal het dejeuner te nuttigen. Op z’n Frans betekent dat dus een uitgebreide maaltijd met,  want het is ten slotte Noord Frankrijk, champagne vooraf. In de eetkamer staarden nog lege wanden ons aan (zie foto). En op zo’n wand komt volgend jaar een ‘’Toos’’ te hangen: een drieluik. Er zijn slechtere redenen te bedenken voor een bezoek aan Lille/Wasquehal! 

Tot volgende week,
TOOS.

  

dinsdag 6 december 2011

Linea recta naar de Lineart

Is Gent ver? Tja, dat hangt er natuurlijk vanaf waar je woont. Vanuit Middelburg is het maar een uur rijden en dat vind ik niet ver. Afgezien van een enkele afslagen rijd je bijna linea recta  via de Westerscheldetunnel naar het beursterrein  van Gent. Want daarheen was op 5 december de reis. Mijn Sinterklaasactiviteiten hadden zich al afgespeeld in het weekeinde, waardoor ik me van mijzelf vrijaf mocht gegeven voor een bezoek aan één van de grootste kunstbeurzen die België kent, de Lineart.
Dat is altijd een leuke beurs om rond te lopen omdat je er heel veel, maar ook heel andere galerieën en kunstenaars tegenkomt dan op Nederlandse beurzen. Dit jaar, naast natuurlijk uit België zelf, waren ze er uit Japan en Zuid-Korea, en van dichterbij uit Engeland, Duitsland, Frankrijk en ook Spanje. Sinterklaas zat hier ten slotte ook al zullen die hebben gedacht, want vergeet niet dat ons kinderfeest ook in Vlaanderen populair is.

Ondanks de ontzettend grote diversiteit aan kunst, voor mij één van de interessantste kenmerken van de Lineart, zag ik toch dezelfde tendensen als in Nederland. Veel fotografie, alhoewel wat minder dan op de Amsterdamse Affordable Art Fair waarover ik een poosje geleden schreef. Veel cartoonachtige kunst met felle kleuren. Steeds minder pure abstractie en steeds meer figuratieve elementen. Bij dat laatste is jammer genoeg, vind ik, af en toe toch te zien dat op diverse kunstacademies de basis die je vroeger kreeg met modeltekenen en goed leren kijken nu minder strak onderwezen wordt. Een aantal jaren geleden beschreef een kunstrecensent, die vooral viel op abstract werk, dit eens als “bewust onbeholpen”. Op zich is dat natuurlijk een prachtige taalkundige vondst. Maar ik kreeg soms toch de neiging om dat “on” ook voor “bewust” te zetten. In gesprekken met kunstenaars en galeriehouders is mij trouwens wel gebleken dat ik in die mening niet alleen sta.
Maar ik was hoe dan ook weer blij verrast om te zien wat voor grote variatie de kunstwereld heeft te bieden en hoeveel moois er jaar in jaar uit toch maar weer wordt gecreëerd. Tot volgende week.
TOOS