Posts tonen met het label Kunstmuseum Den Haag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kunstmuseum Den Haag. Alle posts tonen

woensdag 10 februari 2021

Mooi bloot is niet lelijk


Stel nou eens dat ik je zou vragen of bovenstaand schilderij uit de tegenwoordige of de verleden tijd is. Ik vermoed zomaar dat je dan zult zeggen 'nou, dat is van wel wat jaartjes  terug'. En als ik nou  het zelfde vraag bij dit werk?


Grote kans dat je zegt 'hedendaags' . Volgende vraag: wie van onderstaande twee mannen zou welk werk hebben gecreëerd?

Het linker zelfportret is van de Zweed Anders Zorn, het rechter van de Nederlandse kunstenaar Poen de Wijs. Gokkie leggen dat je Zorn koppelt aan het eerste en Poen de Wijs dus automatisch aan het tweede schilderij? Dat kan ook bijna niet anders als je de twee verschillende schilderstijlen met elkaar vergelijkt. De wat groffe toets die een realistische wereld schept en de fijnere penseelstreek die een imaginaire omgeving neerzet. Waarbij ook gelijk duidelijk is dat je het vrouwelijk naakt op heel verschillende manieren kunt weergeven!Hier nog een paar voorbeelden van beide kunstenaars.




Hoe ik ertoe kom deze twee aan elkaar te koppelen? Door het Kunstmuseum Den Haag en de tentoonstelling  'Anders Zorn, de Zweedse Idylle'. Daar moest ik gelijk aan Poen denken toen ik met de verplichte maskervermomming de eerste aan Zorn gewijde zaal binnenstapte. Dat was ergens in november. Je weet wel, in die bijna al nostalgische tijd toen musea nog open mochten zijn.

de expositie in Kunstmuseum Den Haag


 Van Anders Zorn (1860-1920) had ik, eerlijk gezegd, nog nooit gehoord tot aan deze tentoonstelling. Maar de zaalteksten leerden me al heel snel dat ie toch heel erg beroemd was in zijn tijd. Gevierd in Parijs, in Londen, in de USA, een zeer gewaardeerd societyschilder die honderden portretten maakte van allerlei hotemetoten. En  de schilder bij uitstek van het geromantiseerde en verheerlijkte Zweedse landleven. Een 'mannetje' waar je niet zomaar omheen kon in de kunstwereld. Zoals hij op zijn zelfportret ook wel heel erg duidelijk laat zien.

 Maar dat 'mannetje' zakte na zijn dood toch aardig weg. Behalve in eigen land, daar is hij nog steeds wereldberoemd. Met zelfs een eigen museum. Hoe dan ook, schilderen kon hij! Dat zag ik direct aan de aquarellen waarmee hij zijn carrière begon. Gemaakt met een fabelachtige techniek.

Anders Zorn, Naar de dans (1880), aquarel

Anders Zorn, Markt in Mora (1892), aquarel



detail

Roma smederij (1885), aquarel
Net zoals, daar is hij dan, mijn goede en te vroeg gestorven kunstgenoot Poen de Wijs (1948-2014) dat kon. Want ook die startte met technisch wonderschone aquarellen. Vaak met het vrouwelijk naakt als onderwerp. Maar dan heel afstandelijk, vaak heel verstild en bovenal heel esthetisch geschilderd.

Poen de Wijs, De Bretonse kust, aquarel

Poen de Wijs, Meisje met het rode haar, aquarel

Dat bleef zo toen hij na een aantal jaren, net als Zorn, op olieverf overstapte. Maar bij Zorn's destijds zeer populaire naakten kan ik me beslist niet onttrekken aan zijn typisch mannelijk kijk. In mijn ogen vaak wat gluurderig en pin-upperig. Want zou 't in het eerste schilderij hieronder nou echt gaan om 'De eerste keer' (de titel die aangeeft dat het jongetje voor het eerst dat water ingaat) of om de weelderig weergeven mollige vormen van de moeder? En hoe zit dat in die andere schilderijen en modelfoto's? Oordeel zelf.

De eerste keer

modelfoto en ets voor 'De zwaan'


modelfoto met Anders zijn gezicht links op de voorgrond

Jammer genoeg kun je de expositie niet meer bezoeken. Die liep in alle stilte af op 31 januari. Alles is al weer op de terugweg naar Zweden, zo liet de Nieuwsbrief van het museum weten. Maar als je er voor wilt gaan zitten is hier op Vimeo, het sjieke zusje van YouTube, een uitgebreide door het museum gemaakte video van 20 minuten.

Dan nog Poen. Ook die dreigt, net als Zorn, na zijn dood weg te zakken. Iets waar zijn bewonderaars  een stokje voor willen steken. Met o.a. een grote expositie in museum Musiom in Amersfoort. De geplande openingsdatum? 8 Januari! Een typisch geval van dikke pech dus! De deuren konden nog geen dag open voor het publiek. Wel kan ik een tipje van de sluier oplichten want op 3 januari moest ik voor kunstzaken in dat Musiom zijn. Waar men toen nog druk bezig was met inrichten. Of dus de volgende foto's de nog verborgen situatie van nu weergeven? Ik steek er zelfs geen vinger voor in het vuur.

in het Musiom (Amersfoort)

Maar zodra het museum weer open mag, meld ik me. Zowel in Amersfoort als in dit blog. Want Poen's prachtige nalatenschap verdient 't om onder de aandacht te blijven. Veel meer over hem vind je op https://penseeltoets.nl/ Tot volgende week.

TOOS  





dinsdag 24 november 2020

Een Veerse Vloot van vijfentwintig Vliegende Hollanders

de Grote Kerk van Veere

Is een kerk zonder kerkmeester eigenlijk nog wel een kerk te noemen? Of is het dan alleen nog maar een kerkgebouw? En stel dat een kerkgebouw weer een kerkmeester krijgt, is 't dan gelijk weer een kerk? Rare gedachtefratsen? Nou, lees maar verder. Dit kwam onlangs spelenderwijs in me op door een kunstgebeurtenis in de Grote Kerk van Veere. Een majestueus middeleeuws bouwwerk dat én Veere én de wijde omgeving  be- en overheerst. Eigenlijk vele maten te groot voor het huidige stadje.

Veere gezien vanuit de toren van de Grote Kerk

Iedereen die Veere kent, zal dat kunnen beamen. En een ieder die Veere niet kent, moet er dan maar eens snel heen. Om in die Grote Kerk de expositie 'Ex Voto' te ervaren. Maar ga vooraf eerst wel naar het Museum Veere in de Schotse Huizen. Met als bonus op hetzelfde toegangskaartje ook nog dat prachtige laat gotische stadhuis (met er tegenover mijn reddersmonument). Daar krijg je wel verklaard waarom Veere ooit zo welvarend was dat het zich zo'n overmaatse  Grote Kerk kon veroorloven. Bekijk als voorproefje maar de video van MuseumTV over die Schotse Huizen en het stadhuis. 

https://museumtv.nl/tentoonstelling/de-collectie-van-museum-veere

En dan dus die Grote Kerk die al heel lang geen kerk meer is. Maar wel een gigagrote geen-kerk. Nog steeds. Ook al hebben ze in de middeleeuwen die toren nooit tot de geplande 100 meter hoogte afgebouwd. Ook al zijn de uitgebreide begraafplaatsen er omheen verdwenen. En ook al hebben ze in de 19e eeuw de grote Noordbeuk afgebroken om de stenen ervan te kunnen verkopen omdat Veere in die tijd zo arm was als een kerkrat.  Maar dat zijn andere verhalen.

De laatste tientallen jaren wordt met vallen en opstaan geprobeerd de Grote Kerk tot een belangrijk cultureel centrum van Zeeland te maken. Met de permanente multimediale 'Experience' van de geschiedenis van de kerk naast onder andere muziekuitvoeringen en exposities. Zo hing er een aantal jaren geleden een paar keer werk van mij op groepstentoonstellingen met Zeeuwse kunstenaars.

Maar nu zat ik er in oktober op uitnodiging voor een heel speciale opening.  In een vanwege de coronaregels tot maar dertig personen beperkt publiek. Een nietig plukje mensen onder dat immense gewelf van het middenschip. Een gewelf waarin de dagen daarvoor schepen de lucht in waar gezeild. Gemaakt van allerlei kleuren kaarsvet en wax. Door Folkert de Jong. Een kunstenaar die ik een poos geleden persoonlijk leerde kennen maar van wie ik al ver daarvoor een intrigerende kunstinstallatie had bewonderd in het Kunstmuseum Den Haag. Om een paar jaar daarna soortgelijke beelden uit die installatie terug te zien op de grote jaarlijkse kunstbeurs in Keulen. En die nog weer wat jaren later bij de Oostkerk in Middelburg een groep beelden mocht plaatsen. Dat in het kader van de tweede editie van de grote kunstmanifestatie  Façade, georganiseerd door het CBK Zeeland.

2012, installatie 'Anatomie' van Folkert de Jong in Kunstmuseum Den Haag

2014, beelden van Folkert de Jong op de kunstbeurs in Keulen

2017, beeld van Folkert de Jong bij de Oostkerk, Middelburg

Datzelfde CBK had nu Folkert de Jong gevraagd om kerkmeester te worden in Veere. Daar is ie dan, die kerkmeester! Niet zomaar een gewone kerkmeester trouwens. Nee, je wordt dat alleen als je in de kerk een expositie realiseert en blijft dat slechts voor de tentoonstellingsduur. In dit geval tot 28 februari volgend jaar. Maar hoe eigen je je die immense ruimte toe? Hoe maak je daar iets dat niet gelijk in nietigheid weg valt? Dat deed hij met 25 schepen van zo'n anderhalve meter lang, gecreëerd uit allerlei soorten kaarsvet. Die zweven daar nu als een luchtvloot onder de naam 'Ex Voto'. Echt prachtig.

met Kathrin Ginsburg, directeur van het CBK Zeeland, vlak voor de opening

Folkert de Jong heeft net de erestaf, behorend bij het kerkmeesterschap, in ontvangst genomen

even bijpraten met Folkert na de opening

een paar van die schepen van 'Ex Voto'


Natuurlijk zit er een hele filosofie achter die schepen, maar die kan Folkert het beste zelf vertellen in deze video.

Heerlijk lijkt me dat. Je mogen uitleven in zo'n immense ruimte met zo'n eeuwenlange geschiedenis en met zoveel verhalen. In 2011 heb ik zelf al zoiets kunnen doen bij mijn grote tentoonstelling 'TOOS' in de krochten van Fort Rammekens bij Ritthem. Aan de monding van de Westerschelde. Ik zie al helemaal voor me hoe ik dat met de ervaring van toen nu zou kunnen doen in Veere. Ach, een mens moet af en toe gewoon lekker kunnen dromen. Ik ben trouwens best benieuwd naar je 'experience', zoals dat tegenwoordig heet, van en in de Grote Kerk. Tot volgende week.

TOOS  

dinsdag 8 september 2020

Kunstkwaliteit is ook maar een mening oftewel het pijnlijk gemis van Charley Toorop

 

links in Kröller-Müller, rechts in Kunstmuseum Den Haag


Tweemaal trof ik haar de laatste weken en tweemaal keek ze me vorsend aan met haar grote, doordringende ogen. Eerst in het Kröller-Müller Museum op de Hoge Veluwe. Daarna, een week geleden, in het Kunstmuseum Den Haag toen ik de tentoonstelling 'Breitner vs Israël' bezocht en nog even doorliep naar andere zalen. Niet dat ik haar letterlijk tegen het lijf liep. Beetje moeilijk bij iemand die in 1955 stierf. Nee, ze staarde me aan vanaf de museummuren. Maar ook één keer trof ik haar juist niet terwijl dat absoluut had gemoeten. Namelijk in het nieuwe boek 'GREAT  WOMEN ARTISTS'.  Foei, wat een omissie, wat een kneiter van een fout! Charley Toorop (1891-1955), want om haar gaat 't, was daarin nergens te bespeuren. Terwijl er toch meer dan 400 beroemde vrouwelijke kunstenaars van de laatste vijf eeuwen in voor zouden komen. Waarover straks meer.



 Dat boek moest ik natuurlijk hebben! Ik schrijf ten slotte niet zomaar regelmatig over vrouwen in de kunst. Een onderwerp dat me zeer na aan het hart ligt. Dus plaatste ik gelijk een bestelling in Engeland. Bleek ineens een paar dagen later dat er ook een Nederlandse vertaling, 'HET GROTE VROUWEN KUNST BOEK', op de markt kwam. Maar Engels of Nederlands, over Charley Toorop niets, nothing, rien, niente, nada. En dat terwijl ze in alle belangrijke Nederlandse musea voor moderne kunst hangt. Gewoon zoals 't behoort bij zo'n kunsticoon, bij die grande dame in de Nederlandse kunstwereld van de eerste helft van de 20e eeuw. Want reken maar dat ze dat was.

 

Even kort door de bocht. Dochter van de beroemde schilder Jan Toorop. Opgroeiend in de avant-gardistische kringen rond haar vader waarbij de kunst met de paplepel werd ingegoten. Al jong bevriend met Piet Mondriaan, daardoor bezoeken aan Parijs met zelfs een tentoonstelling in die stad. Een turbulent leven met veel verhuizingen en  veel mannen na een mislukt, vijf jaar durend huwelijk waaruit drie kinderen werden geboren. Maar altijd met de drang naar schilderen, dat was het ultieme. Zonder academie weliswaar, maar met de kennis van haar vader en over de vloer komende schildersvrienden ontwikkelde ze een geheel eigen stijl. Al zoekende kwam ze uit bij Vincent van Gogh waardoor ze ook net als hij een poosje ging wonen in de Borinage, de mijnstreek in Wallonië.

 

Arbeiders uit de Borinage 1923, houtskool op papier
Museum Boijmans van Beuningen, Rotterdam

Twee vrouwen uit de Borinage 1922
Gemeentemuseum Helmond

Dichter bij huis vond ze inspiratie in de boerengemeenschap van Westkapelle op Walcheren. Dat spreekt mij als ZeBra, Zeeuwse Brabander, natuurlijk wel aan. Heel wat zomers verkeerde ze er omdat haar roemrijke vader dan het middelpunt was van de nu zo bekende Domburgse kunstenaarskolonie. Met o.a. Mondriaan, Henri le Fauconnier en Jacoba van Heemskerck. Maar de sociaal bewogen en eigenzinnige Charley verkeerde liever enkele kilometers verderop. Bij de boeren in Westkapelle.

 

 Boeren (1930), Centraal Museum Utrecht

Boerengezin in Zeeland 1927
Stedelijk Museum Amsterdam

Muzikanten en dansende boeren 1927
Kröller-Müller Museum

Uiteindelijk kwam ze in het voornamelijk mannelijke kunstbolwerk tot die heel persoonlijke stijl die bij geen enkele kunststroming hoort maar die je overal direct herkent.

 

Medusa kiest zee 1939-41, Kröller-Müller

Zelfportret met haar drie kinderen (1929)
Groninger Museum

De maaltijd der vrienden 1932-33,
Boijmans van Beuningen

Zelfportret tegen palet 1934
Kröller-Müller Museum

Portretgroep van H.P.Bremmer en zijn vrouw
met kunstenaars uit hun tijd 1936-38 Kröller-Müller

Zelfportret 1943-44, Kröller-Müller

Oude bloeiende appelboom 1949

'Drie generaties', met haar al overleden vader
als bronzen kop en schilderszoon
Edgar Fernhout 1941-50, Boijmans

Charley Toorop voor dat beroemde schilderij
'Drie generaties'


Misschien is dat wel de reden dat ze niet in 'GREAT WOMAN ARTISTS' voorkomt en die al genoemde, expressionistisch schilderende Jacoba van Heemskerck wel.  Net zoals trouwens Artemisia Gentileschi, Sofonisba Anguisola, Judith Leyster, Clara Peeters en Rachel Ruysch. Vrouwen waarover ik al herhaaldelijk schreef. En waarbij aan sommigen door curatoren van het Mauritshuis korte video's zijn gewijd in het kader van dat nieuwe boek.





Maar over die namen heeft dan ook de geschiedenis geoordeeld. Die hebben het schiftingsproces van tijd en kwaliteit ruimschoots doorstaan. Wat je niet kunt zeggen van een aantal in de uitgave voorkomende kunstenaars van pas zo'n 30, 40 jaar oud. Eigenlijk een grote schande voor zo'n salontafelboek van een paar kilo met teveel Angelsaksische pretenties . Een paar voorbeelden.

 

 werk van Tschabalala Self (geb. 1990 New York)

werk van Amalia Ulman (geb. 1989 Buenos Aires)

Zouden die echt over een halve eeuw nog bij de grote vrouwelijke kunstenaars horen? Ik mag toch echt hopen van niet. Dat ze daarbij dan ook nog 'mijn' Leonor Fini (zie deze blogaflevering ) geen bladzijde gunnen ten koste van dit 'gedoe', maakt 't alleen nog maar erger.

Ik verwacht dat Karin Haanappel het beter gaat doen. Karin Haanappel? Ja, de kunsthistoricus die zich in Nederland zeer beijvert voor de positie van de vrouw in de kunst. Met lezingen, seminars, optredens voor radio en tv,enz. En met boeken. Kijk maar eens bij https://www.haanappelart.com/.Volgend jaar moet haar 'Herstory of art' uitkomen. Een geheel herziene versie van de 1e druk uit 2012 die nergens meer is te krijgen. Een Nederlandse uitgave trouwens, ondanks de titel. Maar die is natuurlijk te mooi om niet te gebruiken. En Karin, zorg dat Charley Toorop erin voorkomt. Owee als dat niet het geval is! Want dan moeten we toch eens ernstig met elkaar praten. Tot volgende week.

TOOS